Hoe geef je structuur aan je literatuuronderzoek?

Je literatuuronderzoek moet gestructureerd zijn. Veel rapporten en verslagen, en dus ook literatuuronderzoeken, hebben onvoldoende structuur, wat leidt tot een vervelende zoektocht voor de lezer.

Het opzetten van een goede structuur vereist een intellectuele inspanning. Wanneer je voor het eerst een literatuuronderzoek gaat schrijven, heb je waarschijnlijk behoefte aan enige structuur. Hieronder presenteren we je een soort oer-indeling voor een literatuuronderzoek. Ben je eenmaal gewend aan het schrijven dan kan je gaan variëren.

Secties

We gaan uit van zes secties:

  1. Inleidende sectie
  2. Antwoordsectie bron 1
  3. Antwoordsectie bron 2
  4. Antwoordsectie bron 3
  5. Vergelijksectie
  6. Samenvattende sectie

Wat komt er in iedere sectie aan de orde?

  1. Inleidende sectie

Hier beschrijf je de vraag aan de hand waarvan je de literatuurstudie gaat doen. De kwaliteit en de scherpte van je vraag bepaalt grotendeels de kwaliteit en de lengte van de tekst. Hoe specifieker de vraag, hoe sneller je dit deel van het onderzoek hebt afgerond.

  1. Antwoordsectie bron 1

Het antwoord van je eerste bron beschrijf je zo duidelijk mogelijk in eigen woorden, gevolgd door een korte uitleg van dit antwoord. Met ‘korte uitleg’ bedoelen we het duiden of interpreteren van het antwoord.

Dus je beschrijft eerst in eigen woorden het feitelijke antwoord van bron 1 (beter dan bron 1 dat zelf heeft gedaan) en dan leg je de lezer uit wat volgens jou de bedoeling van antwoord 1 is. Let op, uitleggen is wat anders dan je eigen mening geven.

In deze sectie leg je dus uit wat bron 1 met antwoord 1 heeft bedoeld. Eerst feitelijk, dan interpreterend.

  1. Antwoordsectie bron 2

Een herhaling van ‘antwoordsectie bron 1’ maar dan met bron 2 en antwoord 2.

  1. Antwoordsectie bron 3

Een herhaling van ‘antwoordsectie bron 1’ maar dan met bron 3 en antwoord 3.

Je kan dit dus meerdere keren herhalen, maar ervan uitgaande dat je kwalitatief goede bronnen gebruikt, zou dit voldoende moeten of mogen zijn. Meer is zeker niet beter, het gaat om de kwaliteit en niet om de kwantiteit.

  1. Vergelijksectie

In deze sectie vergelijk je de verschillende antwoorden met elkaar. Wederom, je stelt je mening of oordeel nog even uit, de vergelijking is neutraal en feitelijk.

Tip: bepaal vooraf de criteria waarmee je de verschillende antwoorden met elkaar vergelijkt. Je werkt systematischer en kan direct structuur geven aan deze sectie.

Na de vergelijking van de antwoorden is er ruimte om verbanden te leggen en eigen inzichten te geven.

  1. Samenvattende sectie

Het literatuuronderzoek sluit je af met een korte samenvatting wat je over het onderwerp hebt gevonden en wat je in de vergelijksectie hebt geconcludeerd.

Herhaling

Werk je in een literatuuronderzoek meerdere thema’s uit, dan kan je de beschreven werkwijze meerdere keren herhalen. Ieder thema krijgt een eigen subhoofdstuk of paragraaf.

Hetzelfde geldt wanneer je een groter literatuuronderzoek uitvoert en hierbij gebruik maakt van zoekvragen (subvragen, deelvragen?) op een zeker abstractieniveau. Voor iedere zoekvraag gebruik je de beschreven werkwijze.